Brohlbach en Ahr

Het beneden-Ahrtal – tussen de stadjes Altenahr en Bad Bodendorf – is de noordelijkste wijnstreek van Duitsland, waar men in hoofdzaak rode wijn produceert: Portugieser en de krachtige Burgunder en Spätburgunder. Het dal is vrij nauw en de wijngaarden lijken als het ware ‘opgestapeld’ op de steile heuvels. Je kunt hier prima wandelen op de ‘Rotweinwanderweg’, een ruim 30 kilometer lang wandelpad door het dal van de Ahr. Natuurlijk kun je dit het beste doen in het najaar – september en oktober -, want dan hangen de wijnranken vol met, meest blauwe, smakelijke druiven en wordt er, in oktober, geoogst. Er heerst dan een bijzondere sfeer.

– Beginpunt Rotweinwanderweg in Altenahr –

Iets ten zuiden van het Ahrtal vind je een ander aantrekkelijk, doch minder bekend beekdal, dat van de Brohlbach. Dit dal staat in het teken van het vulkanisme, één van de dingen waar de Eifel om bekend is. Het leuke is dat je beide rivierdalen in één vierdaagse voettocht kunt combineren, waardoor je een zeer afwisselende tocht voor de voeten krijgt.

Zoals altijd in Duitsland is de wandelinfrastructuur ook in dit gebied weer prima voor elkaar, dank zij de onvolprezen Eifelverein. Voor deze tocht heb je twee ‘wanderkarten’ van de Eifelverein nodig: wanderkarte nr. 9 – Das Ahrtal – en wanderkarte 10 – Das Brohltal, beide in de prettige schaal 1:25.000. De markeringen onderweg zijn uitmuntend. Geregeld kom je langs schutzhütten, af en toe met ‘brennplatz’, zodat je desgewenst een vuurtje kunt stoken. Vaak is het mogelijk vlak bij zo’n hut (wild) te kamperen. En mocht het weer tegenzitten, dan hoef je niet eens je tent op te zetten.

Langs de route van deze 66 kilometer lange vierdaagse voettocht vind je nauwelijks campings, dus je zult in het wild of bij een boer moeten kamperen. Dat geeft in Duitsland nooit problemen. Landschappelijk hoogtepunt op deze tocht is zonder twijfel het gehele dal van de Ahr, met zijn vele vergezichten. Het Brohltal mag er echter ook zijn, vooral wanneer de dichte bossen langs je pad wijken en je wat meer uitzicht krijgt op de omgeving met daarin oude vulkaankraters, die inmiddels goed gecamoufleerd zijn in het landschap.
De paden op je tocht zijn grotendeels onverhard, dat wil zeggen niet geasfalteerd of met steen geplaveid. Echter, comfortabele gras- of bospaden zijn er ook niet al teveel. Bereid je voor op goed bewandelbare paden, karresporen en boswegen met in het algemeen een stenige ondergrond. Dit geldt ook voor de Rotweinwanderweg.

Je kunt je auto parkeren niet ver van het ‘station’ Ahrweiler Markt, vlakbij een stadspoort van het prachtige ommuurde middeleeuwse stadje Ahrweiler, iets ten westen van Bad Neuenahr. Beide plaatsen bevinden zich op een steenworp afstand van de ‘linksrheinische Autobahn’ naar Koblenz. Elk uur gaat er vanaf dit ministation een trein naar het plaatsje Remagen in de dal van de Rijn. Daar stap je over op de trein naar Brohl, waar je voettocht start. De treinreis duurt al met al een half uur.

Dag 1: Van Brohl naar Weiler (10 km)

Nabij het station van Brohl vind je al een verwijzing naar het begin van het langeafstandwandelpad door het dal van de Brohlbach – de Brohltalweg -, in het veld aangeduid met bordjes of schilderingen met daarop de letter B. Je wandelt het dorpje in, steekt de Brohlbach over en gaat naar links langs enige huizen het smalle, zwaar beboste beekdal in. Aanvankelijk wordt het pad begeleid door iets wat lijkt op een gekanaliseerd beekje, terwijl de Brohlbach onzichtbaar beneden je stroomt. Spoedig steek je de door het dal lopende autoweg over, waarna de eerste stevige klim van deze tocht volgt. Over aantrekkelijke bospaadjes wandel je vervolgens verder naar het eerste markante punt op de route: de in een zijdal van de Brohlbach gelegen fabriek van Tönissteiner Sprudel. Het uitzicht op de fabriek en de duizenden kratten voor flessen mineraalwater is eigenlijk best wel de moeite waard. Een opvallend plakkaat op de gevel vermeldt dat het hier gaat om de oudste Romeinse bron van Duitsland, meer dan 2000 jaar oud !

– Fabriek Tönissteiner Sprudel –

Het pad klimt opnieuw het hellingbos in, op weg naar het gehucht Bad Tönisstein, waar je een kliniek aantreft, die kennelijk buiten gebruik is. Onderweg passeer je nog een aardig uitzichtpunt. Regelmatig zie je gelige rotsen, alhier ‘trass’ genoemd. In goed Nederlands heet dit gesteente ‘tufsteen’. Dat is een vulkanisch gesteente dat in de bouw wordt gebruikt om beton waterdicht te maken. Intussen is het geluid dat afkomt van door het dal rijdende auto’s helaas al enige tijd duidelijk hoorbaar en op den duur zelfs een beetje irritant, zeker als je je had ingesteld op een wandeling door een rustig beekdal.
Onmiddellijk achter de kliniek klim je over een aanvankelijk onduidelijk aangeduid pad, achter een hek op de rots, weer flink omhoog en wandel je door het dichte bos naar de bebouwde kom van het eerste dorp op je route: Burgbrohl. Je bent hier in een meer open gedeelte van de Brohlbach aangekomen. In de buurt liggen resten van vulkaankraters. Burgbrohl zelf is een aardig dorp, waar je een horecastop zou kunnen houden. In het dorp vind je een barok kasteel en een fraai stationnetje.

In Burgbrohl splitst de Brohltalweg zich in drie varianten, een noordelijke, een zuidelijke en een middenvariant. Wij kiezen in beginsel voor de noordelijke variant die naar de vulkanen Herchenberg en Bausenberg leidt. Je bereikt de Herchenberg over het pad dat vanaf nu is genummerd als B2. Via het hooggelegen dorp Lützingen kom je boven de enorme lavagroeve van de Herchenberg uit. Je passeert vervolgens een kapel aan de rand van het bos en na een korte wandeling door het bos kom je uit op een T-splitsing van wandelpaden, waar je prima vrij kunt kamperen met een fraai uitzicht op het Brohltal. De stafkaart geeft aan dat het hier ‘Im Dümpel’ heet. Drinkwater kan worden gehaald bij de nabijgelegen, wat vervallen ogende, boerenhoeve Beunerhof of iets verderop bij de huizen van het dorp Weiler, dat in feite één geheel vormt met Burgbrohl.

– Lavagroeve Herchenberg –

Wij kiezen er echter voor in Burgbrohl niet onmiddellijk het B2-pad te volgen, maar de middenvariant: de Brohlbach-Uferweg, die rechtstreeks van Burgbrohl naar het dorp Weiler voert. Onze keuze voor een kampterrein is namelijk gevallen op de op de stafkaart aangegeven schutzhütte ‘Auf den Strauben’, net boven Weiler, in de buurt van de genoemde lavagroeve. Dit pad – aangegeven met de letters BU – gaat uitsluitend over verharde wegen in de dorpskom. Bij aankomst blijkt de schutzhütte verdwenen en vervangen door een voetbalveld met, gesloten, clubgebouw. Je kunt er desondanks prima kamperen en gebruik maken van aanwezig meubilair. Achter het clubgebouw is een mooi uitzichtpunt op het Brohltal. Water halen dien je in Weiler te doen, welk dorp je ook ’s avonds kunt bezoeken, als je behoefte hebt aan café-vermaak. Voor de goede orde: de B2-wandeling over de Herchenberg is een kleine drie kilometer langer dan de door ons gekozen BU-variant.

– Uitzicht op het Brohltal vanaf kampterrein bij Weiler –

Dag 2: Van Weiler naar Ramersbach (21 km)

De volgende ochtend wandel je vlak langs de toch wel indrukwekkende lavagroeve van de Herchenberch naar de boerderij Beunerhof en naar het kruispunt met de B2-route bij ‘Im Dümpel’.
Een korte boswandeling over het B2-pad brengt je bij de, reeds van verre hoorbare, autobahn naar Koblenz, die hier over een groot viaduct het Brohltal kruist. Onmiddellijk achter de autobahn ligt dan de vulkaan Bausenberg met, naar verluidt, de gaafste krater – in hoefijzervorm – van geheel Duitsland ! De markering is hier bij wijze van uitzondering niet altijd even duidelijk, maar je vindt ongetwijfeld het smalle pad dat naar de top van de Bausenberg voert. Daar aangekomen en goed oplettend merk je vanzelf dat je je op de smalle en ronde kraterrand bevindt. Aangezien de krater zwaar is bebost, is enig inlevingsvermogen wel nodig, maar de bodem van de krater is tussen de bomen door af en toe te zien. Iets verderop heb je vanaf de kraterwand een bijzonder fraai uitzicht op het Brohltal en het beneden gelegen dorp Niederzissen. Er wordt hier aan parapente gedaan ! Van een afstand lijkt de Bausenberg natuurlijk gewoon op een beboste heuvel, niks bijzonders eigenlijk. Alhoewel, als je verder wandelend over de B2-route nog even achterom kijkt, is de hoefijzervorm van de krater wel degelijk te zien.

– Panorama Brohltal bij Niederzissen vanaf de Bausenberg –

Je komt terecht op de parkeerplaats ‘Am Bächel’ , waar je de Brohtalweg definitief verlaat. Je volgt de bordjes ‘Rodder Maar’ en slaat vlak vóór het Maar – een meertje van vulkanische oorsprong – linksaf. Na een wandelpad overdwars te hebben gekruist bereik je, daar waar het pad weer in het Brohltal afdaalt, de uitspanning ‘Neuer Maarhof’, waar je kunt genieten van een koffiepauze met fraai uitzicht op de tegenover je liggende heuvel, waarop de ´Ruine Olbrück’ is gelegen. Deze opvallende ruïne – althans de boven de bomen uitstekende toren – heb je gisteren en vandaag al meermalen in het vizier gehad.

– Olbrück in het Brohltal –

Het wordt tijd om in noordelijke richting af te buigen, richting het dal van het riviertje de Ahr. Na de pauze wandel je weer terug naar de ‘Rodder Maar’ en je gaat vlak voor het Maar naar links een wandelpad op. Het pad volgt de oever van het Maar en zo ongeveer halverwege de westelijke oever ga je opnieuw naar links een wandelpad op, genummerd De2. Je loopt een klein stukje door een bos en bereikt dan open gebied. Vanaf hier gaat het rechttoe rechtaan over een veldweg richting het dorp Dedenbach, dat je in de verte al kunt zien liggen. Zeker als het mooi weer is kun je hier genieten van prachtige vergezichten over het zacht golvende landschap met akkers, weiden en bossen !

– Op weg naar Dedenbach –

In het aardige dorpje Dedenbach – in het dal van de gelijknamige beek – wissel je van wandelpad: van De2 naar De3. Wandelend in de richting van het volgende dorp op je route – Schalkenbach – bereik je de schutzhütte ‘Schau ins Land’, waar je een lunchpauze zou kunnen nemen met fraai weids uitzicht op de omgeving, zoals de naam van de hut al deed vermoeden. Vlak vóór de hut passeer je nog een opmerkelijk keramisch sculptuur met informatie over de historie van deze streek.
Na de schutzhütte kom je bij de bosrand, iets verderop, terecht op de Jakobsweg, een langeafstandwandelpad (nr. 1) van de Eifelverein, aangegeven met een zwart driehoekje. Je volgt de Jakobsweg naar rechts langs de bosrand, langzaam afdalend, tot in de bebouwde kom van het dorpje Schalkenbach, dat eveneens in een beekdal – de Vinxtbach – is gelegen.

In het dorp sla je bij de kerk linksaf en volg je een tijdje een plaatselijke wandelroute, gemerkt met de letter ‘h’ in een wat kunstzinnige vorm. Het gaat hier om één van drie ‘historische routes’ in deze streek met aandacht voor allerlei bezienswaardigheden met een historisch karakter. Over verharde weggetjes binnen de bebouwde kom bereik je de brug over de kleine Vinxtbach. Je steekt een autoweg schuin naar rechts over en begint aan de klim uit het beekdal. Spoedig gaat het weer over ‘onverharde’ paden en je komt in een bos terecht, waar je aansluiting vindt op een ander langeafstandwandelpad (nr. 11) van de Eifelverein: de Ahr-Venn-Weg naar het toeristenstadje Monschau (zie ook mijn wandelingen door de Noord-Eifel en de Rureifel). Je volgt dit pad naar links en bereikt na een aangename boswandeling de omgeving van het dorpje Ramersbach. Wanneer je steeds rechtdoor blijft lopen kom je in de dorpskom langs een aantrekkelijk café, waar je (weer ?) van zo’n overheerlijke Weissbier kunt gaan genieten. Een aardig kampterreintje vind je net buiten het dorp, vlakbij de op de stafkaart aangegeven Florianshütte, een hut die overigens meer van een loods dan van een schutzhütte weg heeft. Kennelijk worden hier af en toe dorpsfeesten gehouden. Drinkwater neem je mee vanuit het voornoemde café, waar je natuurlijk ook een gezellige avond kunt doorbrengen.

– Kampterrein bij Ramersbach –

Dag 3: Van Ramersbach naar Rech (20 km)

Het parcours van de derde wandeldag ziet er wat route betreft tamelijk eenvoudig uit. Je blijft vanaf Ramersbach de Ahr-Venn-Weg volgen tot in het toeristenstadje Altenahr in het dal van de Ahr. Daar aangekomen stap je over op de Rotweinwanderweg, die in Altenahr begint of eindigt en die je naar het beoogde einddoel van vandaag brengt: het wijndorp Rech in het Ahrtal.
Tot Altenahr wandel je hoofdzakelijk door fraaie en dichte bossen. Eerste doel van vandaag is het hooggelegen café Steinerberghaus op 530 meter boven de zeespiegel, het ‘dak’ van deze tocht, ongeveer acht kilometer van je kampterrein. Onderweg vormen eigenlijk alleen een tweetal ‘kreuzen’ – het Martinskreuz en het Hasenkreuz – oriëntatiepunten. Plotseling passeer je een smalle strook bos, waar kennelijk een windhoos doorheen is gegaan. Het beeld van talloze afgeknapte of omgewaaide bomen is tamelijk bizar. Volgens een aanwijzing ter plekke is het hier levensgevaarlijk wandelen, maar we hebben het er – met rustig weer – toch maar op gewaagd !

– Sporen van een windhoos –

Na een koffiepauze in het Steinerberghaus – met vanaf het terras een mooi uitzicht op de omgeving – volgt een vijf kilometer lange afdaling door de bossen naar Altenahr. De afdaling wordt af en toe onderbroken door wat meer horizontale stukken bospad. Het blijft hier fraai wandelen ! Plotseling sta je op een open plek in het bos aan de steile rand van het prachtige Ahrtal, waar je in de diepte het door wijngaarden omringde dorpje Mayschoss ziet en op een rotspunt de ruïne van de Saffenburg. Een zéér imponerend uitzicht !
Iets verderop op het pad is er een klein zijpaadje naar de eenzaam en hoog gelegen schutzhütte Schrock, waar het kan gebeuren dat je Duitse medewandelaars ontmoet die ter plekke een wijn- en schnappsgelag houden. In dat geval kun je hier je eerste Ahrwijn proeven !

 

– Eerste uitzicht op het Ahrtal –

Na een wat smaller en steiler pad te zijn afgedaald kom je weer terecht op bredere bospaden die je, genoeglijk dalend, brengen bij de in restauratie zijnde jeugdherberg van Altenahr. Je bent intussen op de bodem van het Ahrtal gearriveerd en je hebt bij de aan de rivier gelegen jeugdherberg een mooi uitzicht op de omringende beboste dalwand met vele rotspartijen. Je passeert nog een vrijwel verticale klimrots, krijgt uitzicht op de 113 meter boven de rivier gelegen ruïne van Burg Are en arriveert in het altijd drukke stadje Altenahr, waar je een lunchpauze kunt houden, als je dat nog niet eerder hebt gedaan.

Bij een fraai houten aanwijsbord begint dan de Rotweinwanderweg, waarop je de middag zult doorbrengen. Het pad wordt onderweg aangegeven door een rode druiventros op witte ondergrond. Langs de burchtruïne klim je naar de wijngaarden toe. De Rotweinwanderweg volgt nauwgezet het dal van de Ahr en blijft – enkele uitzonderingen daargelaten – in hoofdzaak ‘op hoogte’, zeg maar zo halverwege de steile wand van het nauwe Ahrtal. Dit betekent dat je meestal letterlijk tussen de wijngaarden loopt. De overheersende kleur van de druiven in dit gebied is blauw. Aanvankelijk zijn de wijnstokken door gaaswerk afgescheiden van het wandelpad, zodat je niet kunt snoepen, maar verderop is er langs de gehele route volop gelegenheid om af en toe een blauw druifje mee te ‘pikken’. In de weekends is de Rotweinwanderweg een geliefd wandelparcours, dus je bent hier vrijwel steeds ‘in gezelschap’. De drukte wordt echter nergens onaangenaam. De uitzichten vanaf het pad zijn zonder meer indrukwekkend te noemen. Het pad is over het algemeen gemakkelijk begaanbaar en horizontaal. Af en toe dien je echter een vooruitgeschoven rotspunt te passeren over een smal en rotsig pad. Voor de afwisseling wel zo aardig.

– Ahrtal bij Altenahr –

Vlak vóór het wijndorp Mayschoss meandert het pad enige tijd door een bos, maar verder wordt het uitzicht vrijwel uitsluitend bepaald door enorme wijngaarden en leuke dorpjes in het dal. Het voortdurende uitzicht op Mayschoss is zeer aantrekkelijk. Wil je ergens in een café of in een ‘Weingut’ iets drinken, dan zul je naar de dorpskom moeten afdalen, want de Rotweinwanderweg blijft, zoals gezegd, meestal ‘op hoogte’. Na Mayschoss passeer je een indrukwekkend uitzichtpunt bij de schutzhütte Korbachrast. Hier kun je goed zien hoe de wijnpercelen als het ware boven op elkaar zijn gestapeld op de steile dalwand. Het is nauwelijks voor te stellen dat deze wijnstokken nog kunnen worden bewerkt.

– Mayschoss –

Langzaam daalt het pad af tot vlak boven het wijndorp Rech, waar je een kampplaats moet zien te vinden. De plaatselijke camping aan de oevers van de Ahr – reeds zichtbaar vanaf de Rotweinwanderweg – valt erg tegen wegens het ontbreken van ‘trinkwasser’ – dat moet je dus in de buurt halen – en een haveloos aanzien. Dat zie je niet veel in Duitsland ! De warme douche werkt gelukkig wél ! In feite kun je net zo goed kamperen aan de overkant van de Ahr, door in Rech de brug over en dan onmiddellijk naar rechts te gaan. Je vindt er voldoende grasland en zelfs een terreintje, kennelijk bestemd voor campers, waar vast wel een tentje bij kan. ’s Avonds bezoek je uiteraard een horeca-uitspanning om de echte rode Ahrwijn te proberen.

Dag 4: Van Rech naar Ahrweiler (15 km)

De slotdag van deze vierdaagse voettocht voert opnieuw over de Rotweinwanderweg. Landschap en sfeer zijn identiek aan gistermiddag. Het pad passeert ‘op hoogte’ het volgende wijndorp op de route: Dernau. Aardig om te weten is dat de toenmalige Duitse regering bij dit dorp een enorme onderaardse bunker heeft laten aanleggen als toevluchtsoord voor regering en parlement in geval van een Russische aanval op Duitsland. We hebben het dus over de periode van de Koude Oorlog. Aan de oppervlakte is daar trouwens weinig van te zien. Langzaam dalend naar dalniveau passeer je het voormalige klooster van Marienthal, dat nu een ‘staatswijnbouwdomein’ is. Je kunt er onder meer wijn aanschaffen.

– Langs de Rotweinwanderweg –

Na Marienthal, waar je van een koffiepauze kunt genieten – behalve op maandag – begin je aan je laatste grote klim van deze tocht. Over verharde paden zigzag je door de uitgestrekte wijngaarden weer naar boven om de uitstekende rotskaap Bunte Kuh te kunnen passeren. Kort na het passeren van de ‘top’ wandel je langs een ‘Weingut’ in onvervalste Gaudi-stijl. Hier kun je desgewenst een horecastop houden, óók op maandag. Iets verderop is er opnieuw een geopend café-restaurant. Het kan opeens niet op ! Opnieuw passeer je een hoogte, waar je uitzicht krijgt op het einddoel van deze tocht, het middeleeuwse stadje Ahrweiler met daarachter het grotere Bad Neuenahr. Bij de parkeerplaats is in de Rotweinwanderweg een heen en weer lus ingebouwd naar het uitzichtpunt Bunte Kuh, maar waarschijnlijk heb je al genoeg mooie uitzichten gehad.
Je passeert tenslotte nog een chique ogend hotel – Hohenzollern, vandaar dus – en wandelt een korte tijd over een asfalt autoweg. Dan volgt de laatste kilometer over het Rotwein-pad door de wijngaarden, tot je ter hoogte van een nimmer afgebouwde brug – de pilaren staan er nog en worden gebruikt als klimobject – definitief afbuigt van de Rotweinwanderweg naar de stadsmuur van Ahrweiler. Voor je naar huis gaat is het leuk nog een bezoek te brengen aan dit volledig ommuurde mooie stadje met zijn vier stadspoorten en zijn vele fantastische gevels. Mogelijkheden te over voor het houden van een laatste horecastop of een afscheidsdiner na vier dagen stappen door een zeer afwisselend stuk Duitsland.

– Ahrweiler –

– – –

(copyright: JWE van de Poel

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *